home > zorgbeleid > ouderen > visienota
ouderenzorg: integraal ouderenbeleid
- Introductie
- 2004
Introductie
VWS werkt aan een Visienota Vergrijzing en het integrale ouderenbeleid. Deze Visienota is in de Troonrede van 2002 aangekondigd en zal eind 2004 gereed zijn.
Het integrale ouderenbeleid beoogt de samenhang tussen de verschillende beleidssectoren te bevorderen, daar waar het de specifieke problematiek> van ouderen (cumulatie van beperkingen als gevolg van een relatief hoge leeftijd) betreft.
De coördinerend bewindspersoon voor het ouderenbeleid is de staatssecretaris van VWS.
Uitgangspunten voor het ouderenbeleid zijn dat
(a) er alleen specifieke maatregelen genomen moeten worden als dat echt nodig is,
(b) de eigen verantwoordelijkheid van ouderen voorop staat en de mogelijkheid
om zelf invloed te blijven uitoefenen op hun leven en levensomstandigheden,
(c) het beleid zo dicht mogelijk bij de mensen zelf moet worden uitgevoerd.
Centraal staat de zelfstandigheid en de «empowerment» van de oudere. De noodzakelijke randvoorwaarden hiertoe zijn de toegankelijkheid tot de zorg, het vervoer, of de woning, (arbeids)participatie, een toereikend inkomen, geschikte huisvesting, en een goede gezondheid dan wel adequate zorgverlening.
De te ontwikkelen Visienota richt zich op de volgende doelstellingen.
(1) Inzicht in de effecten van de vergrijzing en de daaruit voortvloeiende beleidsontwikkelingen voor de korte en de lange termijn op de positie van de oudere;
(2) Een beleidskader dat de betekenis van de vergrijzing vertaalt naar het ouderenbeleid, en de positie van ouderen in de samenleving als uitgangspunt heeft;
(3) Ontwikkelen van een discussieforum over vergrijzing en de positieve bijdrage van ouderen aan de samenleving;
(4) Herijking van de coördinatie van het ouderenbeleid.
In de Visienota zal prioriteit worden gegeven aan de volgende beleidsthema’s:
(1) het financieel-economisch draagvlak voor de vergrijzing en de houdbaarheid van de overheidsfinanciën,
(2) de bevordering van de arbeidsparticipatie en de groeiende behoefte aan arbeidsintensieve dienstverlening in de zorgsector
(3) het woningbouwbeleid in relatie tot vergrijzing,
(4) de collectieve arrangementen die in het kader van de verzorgingsstaat zijn ontwikkeld, tegenover de toenemende vraag naar beleid op maat en
(5) de sociaal-culturele ontwikkelingen in de samenleving, waaronder veiligheid en de problematiek van het toenemend aantal allochtone ouderen (met name toegespitst op de positieve maatschappelijke rol van ouderen in de samenleving).
Documenten
- Brief VWS over het RIVM- en SCP-rapport «Ouderen nu en in de toekomst» , VWS, december 2004 (Tweede Kamer 29389 nr.4).
- De reactie van VWS op SCP rapport Zorg en Wonen, VWS, september 2004 (Tweede Kamer 29389 nr.3).
- Rapport RIVM en SCP «Ouderen nu en in de toekomst: gezondheid, verpleging en verzorging 2000-2020», RIVM, juni 2004.
Rapport RIVM en SCP «Ouderen nu en in de toekomst: gezondheid, verpleging en verzorging 2000-2020»
- Onderzoek bureau Veldkamp «vergrijzing in Nederland», Veldkamp, juni 2004.
- Rapportage van het Sociaal Cultureel planbureau «Zorg en wonen voor kwetsbare ouderen», SCP, juni 2004.

